De mooie uitzichtpunten van de 'Corniche royale'
De Kunstwijk pleit voor het naar waarde schatten van de 'Corniche royale' en bij herinrichtingsprojecten rekening te houden met ons historisch erfgoed.
De mooie uitzichtpunten van de 'Corniche royale'*
De Corniche royale vormt de ruggengraat van het actiegebied van onze vereniging. De Kunstwijk pleit ervoor om deze as naar waarde te schatten en bij alle herinrichtingsprojecten langs het traject rekening te houden met ons historisch erfgoed.
In een zeer interessant artikel voor het tijdschrift van de Société Royale d’Archéologie analyseert dr. Christophe Loir hoe de Brusselse topografie, die wordt gekenmerkt door de vallei van de Zenne, een blijvende tegenstelling tussen de boven- en de benedenstad heeft gevormd, en hoe dit hoogteverschil via stedenbouwkundige en landschappelijke ingrepen in beeld is gebracht. Al vanaf de 19e eeuw heeft Brussel een reeks monumentale uitzichtpunten aangelegd die bedoeld waren om panoramische uitzichten op de benedenstad te bieden en het stadslandschap te loven.
De auteur onderscheidt vijf belangrijke uitzichtpunten die zijn aangelegd langs een twee kilometer lange as die het Poelaertplein met de Kruidtuin verbindt: het uitkijkpunt bij de Kruidtuin, dat bij het Congresplein, het uitkijkpunt in de Baron Hortastraat (het Belliard-monument), de Kunstberg en het Poelaertplein. Dit geheel vormt de Corniche royale, een benaming die zowel de hellende topografie van deze stedelijke as als het symbolische belang ervan binnen de Koninklijke Wijk benadrukt.
De totstandkoming van de Corniche royale
Twee fasen van transformatie
De Corniche royale kwam in twee grote fasen tot stand:
Tijdens een eerste, vormende fase, van 1825 tot 1923, werden de verschillende uitkijkpunten geleidelijk aangelegd volgens verfraaiingsprincipes die teruggingen tot het einde van de 18de eeuw. Architectuur, landschap en nationale representatie werden daarbij op elkaar afgestemd.
In het kader van grootschalige infrastructuurwerken tijdens de naoorlogse periode (tussen de jaren 1950 en 1970) werden, in een tweede fase, de Kruidtuin en de Kunstberg ingrijpend getransformeerd.
Gemeenschappelijke structurerende elementen
Uit een vergelijkende analyse van de uitkijkpunten komen verschillende gemeenschappelijke kenmerken naar voren: een zorgvuldig geënsceneerd panorama, monumentale trappen die de bovenstad met de benedenstad verbinden, een prestigieuze architecturale kader, ontworpen door belangrijke architecten zoals Suys, Poelaert en Horta, en balustrades die tegelijk instaan voor de veiligheid, de visuele samenhang en de accentuering van het uitzicht.
Ook de inrichting van de openbare ruimte, die werd ingericht met het oog op wandelen en zachte mobiliteit, en de verlichting door middel van sierlijke straatlantaarns maken deel uit van dit geheel.
De uitkijkpunten moeten bovendien worden gezien binnen de context van de statuophilie, de sterke aanwezigheid en waardering van monumentale beeldhouwkunst in de openbare ruimte. In dat verband vormt de beeldengroep De Maturiteit (La Maturité), van de hand van Victor Rousseau en geïntegreerd in het gelijknamige plantsoen aan de voet van de trap van de Baron Hortastraat, een essentieel onderdeel van de Corniche royale.
Architectuur en landschap hangen in dit geheel heel nauw samen en illustreren de ambitie om een totaalkunstwerk te creëren waarin beeldhouwkunst, openbare ruimte en het stedelijke parcours met elkaar worden verweven.
Ten slotte speelt ook de vegetatie een fundamentele structurerende rol, dankzij een aaneenschakeling van pleinen, plantsoenen, tuinen en parken die werden ontworpen door gerenommeerde landschapsarchitecten.
De Corniche royale verschijnt zo als een samenhangend en ononderbroken geheel van stedelijk erfgoed, het resultaat van een collectieve ontwikkeling over meer dan een eeuw. Een goed begrip van dit geheel is essentieel voor elke hedendaagse reflectie over de valorisatie en het behoud van het Brusselse landschap.
* Corniche royale of Koninklijke richel: De term ‘richel’ is ontleend aan de topografie: een overhangende galerij in bergachtig gebied. En het adjectief ‘koninklijk’ verwijst naar het ‘koninklijk tracé’1 waarop er, vijf ‘balkons’ zijn die elk een uitkijkzicht over Brussel bieden: de Kruidtuin, het Congresplein, de Baron Hortastraat, de Kunstberg en het Poelaertplein. - Ch. Loir